Per 2 personen:
2 handen krieltjes
2 kippendijen
150g kastanje champignons
1 sjalot
4 tenen knoflook
1 takje tijm
1 takje rozemarijn
1 takje salie
1 el bouillonconcentraat (of 1 blokje)
2 el mosterd
100ml room
1 el boter
3 takjes peterselie
Kook de ongeschilde krieltjes tot je er makkelijk met een vork in prikt, ongeveer 20 minuten
Halveer de krieltjes en bak met zout en knoflook in zonnebloemolie in de pan met de snijkant naar beneden voor 5 minuten op hoog vuur, voeg de laatste minuut boter toe en zorg dat alles mooi goudbruin wordt
Bak de kippendijen met lekker wat zout in de olie in een hete pan voor 6 minuten en draai halverwege
Bak ondertussen de champignons met knoflook, sjalot en kruiden voor 7 minuten in de pan met zonnebloemolie, voeg na 4 minuten de mosterd, bouillon en room toe en laat mooi inkoken tot dikke saus, top af met peterselie, roer door en serveer
Serveer de krieltjes met de kip erop en top af met de paddenstoelensaus
Serveer de krieltjes met de kip erop en top af met de paddenstoelensaus
Serveer de krieltjes met de kip erop en top af met de paddenstoelensaus
Serveer de krieltjes met de kip erop en top af met de paddenstoelensaus